‘Voer het debat over wat voor publieke omroep we in 2030 willen zijn’
)
Het kabinet-Jetten schrapt weliswaar de extra bezuiniging van 50 miljoen euro op de publieke omroep, maar er blijft nog altijd een bezuiniging van ruim 100 miljoen euro staan. Bovendien moet er eerst worden bezuinigd en wordt pas daarna het bestel hervormd. Programma’s als Kassa, Andere Tijden en Zomergasten verdwijnen van de buis en honderden medewerkers verliezen hun baan. Remy Reuvekamp sprak met Maren Merckx (VPRO) en Hubert van der Want (BNNVARA) over de acties die ze voerden en de situatie nu. ‘Ik snap niet waarom het debat over de bezuiniging en hervorming alleen door omroepdirecteuren en hoofdredacties wordt gevoerd – voer het debat met programmamakers.’
Bij Hubert van der Want gingen de alarmbellen af toen het kabinet-Schoof aantrad. ‘Het bijna kwaadaardige enthousiasme waarmee zij de publieke omroep aanvielen. En dat kwam niet alleen bij de PVV vandaan. De BBB was evenmin een groot liefhebber en de VVD had in haar verkiezingsprogramma staan dat ze 400 miljoen wilden bezuinigen, wat een krankzinnig bedrag is. Ik schrok ervan dat alleen NSC de boot een beetje afhield om niet meteen full Orban te gaan.’
Van der Want is programmaontwikkelaar bij BNNVARA, al noemt hij zichzelf een manusje van alles. ‘Ik ben ook regisseur en heb het programma BOOS opgezet waarvan ik de eerste jaren eindredacteur was.’ Hij had verwacht dat er vanuit de omroepwereld fel geageerd zou worden tegen de plannen van het kabinet-Schoof, maar er kwam maar geen reactie. ‘Ik miste de verontwaardiging en een gevoel van eigenwaarde bij mensen van de publieke omroep. Je zag het niet terug aan de talkshowtafels, je las er amper over op onze eigen sites en je hoorde ook geen presentatoren die zich erover uitspraken. Sterker nog, er leek eerder een soort gêne te zijn om voor jezelf op te komen.’
Van verontwaardiging naar actie
Hoewel hij niet snel de barricade op gaat (‘laat mij maar achter m’n typemachine zitten, dan ben ik het gelukkigst’), besloot Van der Want in actie te komen. Eerst intern bij BNNVARA, later nam hij het initiatief tot de actie Bescherm de publieke omroep waar alle omroepen bij betrokken raakten. ‘Ik heb aangegeven welke gevaren ik zie, waarom ik denk dat we er juist wel wat over moeten zeggen en dat we dan maar even door de zure appel heen moeten bijten dat het over onszelf ook gaat. Het gaat niet alleen om onszelf, het gaat om een van de grondvesten van onze democratie.’
Grote woorden, beaamt Van der Want glimlachend. Andere omroepen hebben me dat ook vaak aangewreven, zegt hij. ‘Maar het gaat me oprecht niet om mijn baan. Het gaat me om de verschuiving naar het antidemocratische die je wereldwijd ziet gebeuren. In landen als Polen, Hongarije en Slovenië zie je dat de onafhankelijkheid van de publieke omroep afbrokkelt zodra autocratische krachten rijzen. Natuurlijk zou deze bezuiniging niet meteen de publieke omroep slopen, maar het ging me om de intentie van het kabinet-Schoof. Een hervorming die leidt tot meer efficiëntie vind ik prima, maar ik ben tegen bezuinigingen die politiek gemotiveerd zijn. Dat is mijn persoonlijk drijfveer geweest om in actie te komen.’
Wij hebben intern de eerste grote actie gevoerd toen we hoorden dat Tegenlicht van de buis moest, vertelt Maren Merckx. Ze werkte jarenlang als researcher voor de buitenlandseries van de VPRO en is er nu programmamaker. De beslissing van de NPO om Tegenlicht te schrappen stond volgens Merckx in het licht van de bezuinigingen die er aan zouden komen.
‘We kregen altijd te horen dat Tegenlicht goed draaide, dat we een voorbeeld waren met een crossmediale strategie, een stevige website en een onderwijspakket, en toen kwam die klap. De VPRO besloot er geen grote reuring aan te geven, ook met het oog op de klappen die nog zouden komen, maar wij als programmamakers deden dat wel. We hebben intern geprotesteerd en zijn ermee naar de pers gegaan. Uiteindelijk heeft Tegenlicht een doorstart gekregen, maar alleen online, met een heel klein budget.’
‘De publieke omroep is helemaal niet links, eerder een centrumrechtse coalitie met een linkse gedoogpartner' – Hubert van der Want
Net als Van der Want is Merckx niet principieel tegen bezuinigen of hervormen. ‘Natuurlijk kan het efficiënter,’ stelt ze, ‘er kan heel wat hervormd worden bij de publieke omroep. Maar bezuinigen zonder visie, daar ben ik wél principieel op tegen. Het ging helemaal niet om de – soms terechte – kritiek hoe de omroepen georganiseerd zijn of dat er te veel managementlagen zijn. Het had alles te maken met het frame dat het een linkse publieke omroep zou zijn waar te veel geld naartoe ging.’
Een onoprecht en oneerlijk frame, vindt Van der Want. ‘De Nederlandse Publieke Omroep is een van de goedkoopste en beste van Europa. De publiekswaardering is hoog en de publieke omroep bereikt elke week 85 procent van alle Nederlanders. Ik snap best dat sommige mensen BNNVARA linkse ellende vinden, maar je hebt ook Powned en WNL. Ik durf best de stelling te poneren dat de publieke omroep helemaal niet links is, eerder een centrumrechtse coalitie met een linkse gedoogpartner.’
Eerst hervormen, dan bezuinigen
Vanaf 2027 moeten de omroepen structureel meer dan 100 miljoen bezuinigen, maar de hervorming van dertien omroepverenigingen naar vier omroephuizen gaat pas in 2029 in. Het is een belangrijk punt in de acties die Van der Want en Merckx de afgelopen anderhalf jaar hebben gevoerd. ‘Het was natuurlijk veel logischer geweest om het om te draaien,’ zegt Van der Want, ‘eerst hervormen, dan bezuinigen. Ik heb genoeg politici gesproken die het eigenlijk met ons eens zijn, maar electoraal wil een deel daar hun vingers niet aan branden. Dat maakt ook dat de bezuiniging een rancuneus, politiek motief heeft gehad: bedrijfskundig is het geen slimme zet.’
‘Publieke instellingen zoals de omroep kosten best veel geld,’ zegt Merckx, ‘maar ik vind dat je daar als samenleving in moet investeren: kritische journalistiek, cultuur, kindertelevisie, educatie – de publieke omroep is een alternatief voor Amerikaanse mediabedrijven. Ik ben er stellig van overtuigd dat je dat nodig hebt.’
Van der Want: ‘Ik zeg altijd: niet alles is voor iedereen, maar er is voor iedereen wel van alles. Dat is juist het mooie. Het is zo makkelijk om te zeggen: daar kijk ik nooit naar, of dat vind ik stom. Naar iets waar jij niet naar kijkt, kijkt een ander wel. Er is een hoop, er kan ook wel wat weg, dat is ook waar, maar je moet niet doen alsof het allemaal overbodige luxe is. Het is een ontzettend verbindend en waardevol product dat zich inzet voor de Nederlandse identiteit, cultuur en nieuwsvoorziening.’
‘Wij makers zíjn de publieke omroep, dus betrek ons ook bij de toekomst ervan. Wat voor publieke omroep willen we zijn in 2030? Welke programma's moeten we echt blijven maken?' – Maren Merckx
Onrust en onzekerheid op de werkvloer
Mede dankzij de acties die Merckx en Van der Want met hun collega’s en de NVJ voerden, heeft het kabinet-Jetten een derde van de bezuinigingen geschrapt. Toch staat de publieke omroep op een kantelpunt. Omroepen voeren nu elk op hun eigen manier bezuinigingen door, terwijl het bestel de komende jaren ingrijpend wordt hervormd naar vier omroephuizen en één taakomroep. Wat dat precies gaat betekenen voor makers, is nog allerminst duidelijk.
‘Mensen weten niet of ze er straks nog werken,’ vertelt Merckx. ‘Die onzekerheid voel je op de werkvloer. Er moeten tientallen collega’s vertrekken, met name programmamedewerkers voor zover ik heb begrepen.’ Ze ziet ook dat collega’s moegestreden zijn. ‘Programma’s als Tegenlicht en Zomergasten die stoppen, of Plakshot dat niet doorgaat… We hebben elke week wel een afscheidsfeestje van collega’s die vertrekken of van wie het contract niet wordt verlengd. Je ziet dat mensen afwachten wat het voor hen gaat betekenen.’
Bij ons moet bijna een kwart van het personeel vertrekken, zegt Van der Want. ‘Dat geeft veel onrust en onzekerheid. Het gaat om een combinatie van gedwongen ontslagen, mensen die vrijwillig opstappen en tijdelijke contracten die niet zijn verlengd. Ik geloof dat er in totaal tussen de 70 en de 100 mensen uitgaan.’
BNNVARA heeft de reorganisatie opgeknipt in twee fases. De eerste fase waarin werd gekeken naar de contentkant, oftewel de medewerkers die direct aan programma’s werken, is inmiddels afgerond. Nu volgt de tweede fase, waarin de focus ligt op de organisatiekant met ondersteunende afdelingen als ICT, HR en juridische zaken.
Van der Want is te spreken over de manier waarop de BNNVARA-directie medewerkers meeneemt. ‘Het is geen leuk proces en de uitkomst is natuurlijk altijd kut,’ zegt hij, ‘maar de directie is transparant en gaat er consciëntieus mee om. Al hoor ik daar bij sommige andere omroepen wel andere verhalen over.’
Het ontbrekende debat
Merckx vertelt dat de laatste officiële bijeenkomst bij de VPRO in december was, daarna zijn ze nog wel geïnformeerd over het schrappen van een derde van de bezuiniging, maar niet over wat dat concreet betekent voor hen. ‘Ik maak me zorgen over hoe de hervorming gaat uitpakken. Wij willen de rijke, creatieve cultuur van de VPRO – een programmamakersomroep die met vernieuwende, niet-geformatteerde televisie komt – behouden.’
Maar wat haar misschien nog wel het meeste stoort, is het gebrek aan debat. ‘Wij hebben er met onze acties mede voor gezorgd dat er 50 miljoen euro van de bezuiniging is geschrapt,’ zegt ze, ‘maar we spreken de top van de publieke omroep nooit. Er wordt geen visie gedeeld, terwijl het een bezuiniging is die ons allemaal raakt. Ik snap niet waarom het debat over de bezuiniging en hervorming alleen door omroepdirecteuren en hoofdredacties wordt gevoerd. Wij makers zíjn de publieke omroep, dus betrek ons ook bij de toekomst ervan. Wat voor publieke omroep willen we zijn in 2030? Welke programma’s moeten we echt blijven maken? Hoe gaan de omroephuizen er na de hervorming uitzien? Alleen als je dat debat met de makers voert, kom je tot een toekomstbestendig bestel.’
Tegen deze achtergrond organiseren de NVJ en het FNV op donderdag 7 mei een bijeenkomst op het Mediapark. Omroepmedewerkers gaan er onder leiding van Nieuwsuur-presentator Jeroen Wollaars in discussie met Jet de Ranitz (voorzitter Raad van Bestuur NPO) en Lonneke van der Zee (Voorzitter College van Omroepen en Directeur BNNVARA) over de resterende bezuiniging en hervorming.
‘Goed dat de NVJ dit organiseert,’ zegt Van der Want. ‘Alle omroepen moeten goed blijven luisteren naar hun werknemers en zorgen dat het proces transparant en eerlijk verloopt. Er gaan ook echt wel dingen mis, dus het is belangrijk dat iedereen zijn rechten kent en in gesprek durft te gaan met directies en bestuurders als ze het niet eens zijn met het proces.’
‘Ik hoop dat de omroeptop helder uiteen gaat zetten hoe we van de hervorming iets goeds maken,’ zegt Merckx, ‘en dat ze niet alleen met een verhaal komen dat het nu eenmaal moet. Ik vind het belangrijk om nu onze mond open te doen, want het gaat om de toekomst van de publieke omroep. We kunnen het ons niet permitteren om níét kritisch te zijn. Ik zou collega’s dan ook willen oproepen om naar de bijeenkomst te komen. De hervorming is ook een kans om mee te denken over wat voor publieke omroep we in 2030 willen zijn.’
In de rubriek #wijzijndenvj staan onze leden centraal met verhalen uit de praktijk. Journalisten uit alle hoeken van het vak vertellen hoe zij werken, waar ze tegenaan lopen en wat de NVJ voor hen betekent. Soms heel praktisch, soms in het bredere debat over het vak. Samen vormen we de NVJ.
)